‘Middeninkomens op woningmarkt kind van de rekening’
16 juni 2011
De
rijksoverheid moet corporaties meer gelegenheid geven tot investeren. Dat is
nodig om het woningaanbod voor huishoudens met een middeninkomen te vergroten.
Dat is een van de conclusies in het advies van de samenwerkende raden voor de
leefomgeving en infrastructuur, waaronder de VROM-raad.
Huishoudens met een middeninkomen krijgen het op de woningmarkt steeds
moeilijker, constateren de adviesraden. De huursector ontbeert een bovenkant, de
koopsector een onderkant. Zolang een integrale hervorming van de woningmarkt
niet aan de orde is, kunnen tijdelijke maatregelen de positie van de
middeninkomensgroepen verbeteren. In het advies
‘Open
deuren, dichte deuren – Middeninkomensgroepen op de woningmarkt’ doen de
raden daarvoor een aantal aanbevelingen.
Om het aanbod in het middensegment te verruimen, moet de investeringsruimte van
corporaties worden vergroot. Dat kan bijvoorbeeld door het toestaan van een
huurverhoging van inflatie plus 1 procent voor alle huurders. Daardoor kunnen
corporaties investeren in meer nieuwbouw.
33.000 huishoudens in de knel
Huishoudens met een bruto-inkomen tussen de 33.614 en 43.000 euro lopen
het grootste risico in de knel te komen door de
Europese
Beschikking. Als strikt 90 procent van alle sociale huurwoningen wordt
toegewezen aan huishoudens die maximaal 33.614 euro verdienen, kunnen jaarlijks
33.000 huishoudens met een middeninkomen niet meer in de sociale sector terecht.
Combinatie van maatregelen
De raden pleiten voor een combinatie van maatregelen om de negatieve
effecten te verminderen van de 90-procent-toewijzingsnorm. Allereerst door de
inkomensgrens te verhogen naar 37.300 euro. Ook stelt het advies voor om deze
inkomensgrens te differentiëren naar regio en huishoudgrootte. In krappe
woningmarkten moeten dus meer middeninkomens toegang tot een sociale huurwoning
krijgen. Tot slot pleiten de raden voor het instellen van een overgangstermijn
voor de invoering van de maatregel.
Verder stellen de raden maatregelen voor om het aantal huur- en koopwoningen in het middensegment te vergroten. Zoals het verhogen van de huur tot iets boven de liberalisatiegrens van 652 euro en vervolgens een zogenoemd huurvast-contract aanbieden voor vijf of zeven jaar. Ook adviseren zij meer promotie van KoopGarantwoningen.
Scheefwonen gevolg en geen oorzaak
De raden constateren dat de verhuisgeneigdheid onder huurders met een
middeninkomen boven het Nederlandse gemiddelde ligt. Maar het aanbod voor deze
groep laat te wensen over. Scheefwonen is volgens dit advies niet zozeer de
oorzaak als wel een gevolg van de problemen op de Nederlandse woningmarkt.
Aedes deelt zorgen
De roep om de woningmarkt integraal aan te pakken wordt steeds luider,
nu ook deze raden dit nadrukkelijk adviseren. Het rapport bevestigt
overduidelijk de moeilijke positie van middeninkomens op de woningmarkt. Ook
Aedes heeft eerder gepleit voor een hogere inkomensgrens, flexibeler toepassing
daarvan en een overgangsperiode. Een ruimer huurbeleid is eveneens door Aedes
bepleit. En Aedes blijft uiteraard benadrukken dat de heffing voor de
huurtoeslag onontkoombaar desastreuze effecten heeft voor de investeringen van
corporaties in bijvoorbeeld nieuwbouw en wijken. Ook die zorg delen de
adviesraden blijkens hun rapport.